Het spoor

Hoeveel kilometer spoorlijn ligt er in Nederland?

In Nederland ligt er in totaal 6.800 kilometer spoor. De langste spoorlijn ter wereld is de Trans Siberië spoorlijn. Die is 9.289 kilometer.

Wat is er nodig om een trein te laten rijden?

Bovenleiding
Een bovenleiding is een draad waar de elektriciteit doorheen loopt. Bovenop de trein zit een pantograaf. Een pantograaf is een uitsteeksel waarmee de trein contact kan maken met de bovenleiding. Via de pantograaf komt er elektriciteit in de trein waardoor hij gaat rijden. Voor mensen is de bovenleiding heel gevaarlijk. Er kan enorm veel spanning op de bovenleiding staan, tot wel 25.000 Volt op bepaalde spoorlijnen. Bij het optrekken van de trein loopt er erg veel stroom. Ter vergelijking: een lampje thuis werkt op een spanning van 220 Volt, dus op een bovenleiding bij het spoor kan dat meer dan 100 keer zo veel zijn!

Spoorrails
Spoorrails zijn lange ijzeren staven. Die staven liggen precies zo breed uit elkaar dat de wielen van de trein erop passen en hij erover kan rijden.

Dwarsliggers
Dwarsliggers zijn betonnen balken. Deze balken liggen dwars op de spoorrails. Ze zijn vastgeschroefd aan de spoorrails en zorgen ervoor dat de rails op hun plek blijven liggen. Vroeger waren dwarsliggers van hout gemaakt. Toen werden ze ook vaak spoorbielzen genoemd. Tegenwoordig zijn ze meestal van beton.

Ballast
Onder de spoorrails en de dwarsliggers zie je grote grijze kiezels liggen. Dat is ballast. Deze kiezels zorgen ervoor dat het spoor niet in de grond wegzakt of verplaatst als er een zware trein overheen rijdt. Ballast vangt ook de trillingen van de trein op. En als het hard regent zorgen de kiezels ervoor dat er geen plassen ontstaan.

Wissels
Een wissel zorgt ervoor dat een trein naar links of naar rechts kan gaan, of rechtdoor. Voordat een trein over het wissel rijdt, wordt het wissel in de goede richting gezet. Vroeger was er bij ieder wissel iemand die het wissel met de hand in de goede richting zette. Tegenwoordig gaat dat helemaal automatisch. In het reisschema staat waar de trein naartoe gaat en hoe de wissels daarvoor moeten staan.

Treinen
Treinen zijn grote voertuigen. Treinen verplaatsen mensen of goederen naar hun plek van bestemming.

Hoe maak je een bocht in de spoorrails?

Doorgaans zijn spoorrails helemaal recht. Als je een bocht moet maken, dan buig je de spoorrails een beetje. Dat kan niet heel scherp, want dan heb je het gevaar dat de trein ontspoort. Bij scherpe bochten mogen treinen niet te hard rijden. Als je een scherpe bocht moet maken, dan moet je de bocht heel lang maken zodat hij niet té scherp wordt. Verder moet je bij bochten vaak de binnenste spoorstaaf iets lager leggen dan de buitenste spoorstaaf, zodat de trein ook goed op de rails blijft liggen.

Wat is een wissel?

Een wissel zorgt ervoor dat een trein naar links of naar rechts kan gaan, of rechtdoor. Voordat een trein over het wissel rijdt, wordt het wissel in de goede richting gezet. Vroeger was er bij ieder wissel iemand die het wissel met de hand in de goede richting zette. Tegenwoordig gaat dat helemaal automatisch. In het reisschema staat waar de trein naartoe gaat en hoe de wissels daarvoor moeten staan.

Wat voor wissels zijn er?

Er zijn verschillende soorten wissels. Op deze site vind je een overzicht. 

Uit welke onderdelen bestaat een wissel?

Wissels bestaan uit heel veel onderdelen:
1. De stellerkast
Om te beginnen is er de stellerkast. Daarin zit een wisselmotor, die stuurt het wissel in de juiste stand.

2. De wisseltongen
Een wissel heeft meerdere wisseltongen. Eigenlijk zijn dit de beweegbare delen van het wissel. Je hebt de aanliggende tong en de afliggende tong. De aanliggende tong is de wisseltong die tegen de spoorstaaf ligt. De afliggende tong is de wisseltong die niet tegen de spoorstaaf ligt.

3. Het puntstuk
In ieder wissel zit een soort driehoek. Die driehoek heet het ‘puntstuk’ en ligt op de plek waar twee spoorstaven elkaar kruisen.

4. De strijkregel
In een wissel ligt een langwerpig stuk ijzer naast de spoorrail. Dit stuk ijzer zorgt ervoor dat de wielen van de trein geleid worden in de richting van het juiste spoor. Dat is nodig omdat de trein in een wissel vaak de bocht om gaat. Dit stuk ijzer heet de strijkregel.

Wisseluitleg

Afbeelding Wissel

Hoe weet je of het spoor er goed bij ligt?

Er zijn verschillende manieren om het spoor te meten en controleren. Speciale treinen, camera’s, monitoringsystemen, mensen van Strukton Rail die langs het spoor lopen en kijken of het er allemaal nog goed bij ligt. Ook machinisten houden het spoor goed in de gaten.

Regelmatig rijden er meet- en inspectietreinen rond die van alles en nog wat meten. Daarbij kun je denken aan de afstand tussen de spoorrails, de bovenleiding, de slijtage van de spoorstaven, onderdelen van de wissels. Eigenlijk kan alles wel gemeten worden. De resultaten van de meettrein gaan naar ProRail. ProRail bepaalt dan of het spoor er goed bij ligt, of dat er iets gerepareerd moet worden. Dat kan bijvoorbeeld ook over twee jaar zijn.

Er zijn ook monitoringsystemen zoals POSS. Dat systeem houdt in de gaten of de wissels goed functioneren. De wissels liggen hierdoor aan een soort hartbewaking. Als de wissels niet functioneren, wordt het gerepareerd.

In deze animatie kun je zien hoe dit allemaal werkt.

Staat jouw vraag er niet bij? Mail ons: info@struktonrail.nl.